Home | Aalmoezen

Aan wie mag de zakat worden gegeven?


Antwoord: 

Mensen aan wie de zạkāt kan worden gegeven zijn:

  • De armen: de mensen die niet als rijk worden beschouwd volgens islamitische standaarden, met andere woorden: degenen die geen rijkdom ter hoogte van het nisab-niveau bezitten.
  • De behoeftigen: de mensen die afhankelijk zijn van anderen, zelfs bij het vinden van de essentiële bestaansbehoeften zoals voedsel en kledij.
  • Mensen met schulden: de mensen die arm zouden worden indien zij hun schulden zouden betalen met hun bezittingen. Zolang hun rijkdom niet de hoogte van het nisab-niveau bereikt, kunnen zij zạkāt ontvangen om hun schulden te betalen.
  • Gestrande mensen: de mensen die onderweg zonder geld zijn achtergebleven en de hulp van anderen nodig hebben, zelfs als ze in hun eigen woonplaats wel geld bezitten. Zij kunnen genoeg zạkāt ontvangen om hun woonplaats te bereiken. Voor de mensen die thuis zelf over geld beschikken, is het beter om geld te lenen in plaats van zạkāt te accepteren.
  • Degenen die strijden omwille van Allah: diegenen die als vrijwilliger willen strijden op het pad van Allah en geen voedsel, wapens en andere benodigdheden kunnen vinden. Zạkāt kan worden gegeven om in hun behoeften te voorzien. Op dezelfde manier kan zạkāt worden gegeven aan diegenen die de religie van Allah wensen te verkondigen en die voor dit doel zowel kennis als studiemogelijkheden nodig hebben.

De lijst van degenen aan wie zạkāt kan worden gegeven, die wordt genoemd in het 60ste vers van de negende soera, genaamd ạl-Tawba, bevat drie andere categorieën buiten de bovengenoemde groepen: slaven, degenen wier harten zich [recentelijk met de waarheid] hebben verzoend en in de derde plaats degenen die belast zijn met het innen van de zạkāt. Volgens dit vers bedraagt het aantal groepen waaraan zạkāt kan worden verleend in totaal acht.

Iemand kan zowel zạkāt geven aan één enkele persoon uit één groep, dan wel zijn bijdrage verdelen over diverse personen uit diverse groepen.

Wanneer iemand zạkāt geeft, leidt het tot een hogere beloning wanneer hij begint met de naaste verwanten.1

 

 


[1] Mijn Prachtige Religie, Faruk Salman, Nazif Yilmaz, Recep Özdirek

 

Share this