Home

Het Ego


Yazdır

 Eén van de vele wijsheden van het vasten in de gezegende maand Ramadan, met betrekking tot het beteugelen van het ego, is als volgt: Het ego wil vrij en onafhankelijk zijn en ziet zichzelf ook zo. Het is zelfs zo dat het ego van nature verlangt naar een “ingebeelde” heerschappij en het ego eigenzinnig wil handelen. Het ego wil er niet aan denken dat het met talloze goddelijke giften wordt onderhouden. Vooral wanneer de mens in deze wereld ook nog eens in weelde leeft, macht heeft en onachtzaamheid hieraan bijdraagt, zal het ego als een uitbuiter, een dief de goddelijke giften beestachtig opvreten.

In de gezegende maand Ramadan ondervindt ieders ego, van de rijkste tot aan de armste persoon, dat het niet de bezitter is, maar een bezitting. Dat het niet vrij is, maar een dienaar Gods. Zonder Gods bevel kan de mens niet eens de eenvoudigste en gemakkelijkste dingen doen zoals het uitreiken van zijn hand naar een glas water. Zodoende wordt zijn ingebeelde heerschappij verbroken, neemt hij het dienaarschap aan en gaat hij over tot dankbetuiging, wat zijn werkelijke taak is.