Home | Oorzaken

Waarom heeft Hz. Omar de bijnaam “El Faroeq” gekregen?


Antwoord: 

De bijnaam Faroeq is door onze Profeet (v.z.m.h.) aan Hz. Omar (r.a.) gegeven nadat hij moslims is geworden.

Et-Taftazânî geeft aan dat de bijnaam Faroeq aan Hz. Omar (r.a.) is gegeven, omdat hij een meester was in het onderscheiden van goed en kwaad en omdat hij een uitmuntende rechter was. (1)

Hier is een verwijzing naar het feit dat Hz. Omar (r.a.) de Islam en rechtvaardigheid boven alles heeft gehouden gedurende zijn leven. Toen hij moslim werd, was hij degene die heel Qurays en de hele wereld durfde uit te dagen. (2)

Het is door deze eigenschap van Hz. Omar (r.a.) te begrijpen hoezeer hij aan de kant van rechtvaardigheid stond. Dit is ook een van de redenen van zijn hogere rang. (De Profeet (v.z.m.h.) heeft door middel van Zijn droom ons laten weten dat zijn rang zeer hoog is) (3)

Hz. Omar (r.a.) kon na zijn bekering tot de Islam niet meer stil zitten.
Hij ging naar RasoelAllah (v.z.m.h.) en vroeg: “Ow RasoelAllah, zijn wij niet op het pad van de waarheid in leven en dood?”.

Onze Profeet (v.z.m.h.) antwoordde: “Ja, ik zweer op Allah, wie mij in Zijn hand heeft dat jullie in leven en dood op het pad van de waarheid zijn.

Daarop vroeg Hz. Omar: “Waarom verschuilen we ons dan nog? Ik zweer op Allah Wie U met de waarheid heeft gestuurd, dat ik zonder angst, zonder terughoudendheid en met grote moed de Islam zal onthullen in alle omgevingen van de ongelovigen.”

Daarop is onze Profeet (v.z.m.h.) vooraan, Hz. Omar aan zijn rechterzijde en Hz. Hamza aan zijn linkerzijde en met de andere sahaba’s achter hen vanuit het huis van Hz. Erkam (Dârül'l-Erkâm) richting de Kabaa gegaan. Ze hebben met vastberaden stappen Mescid-i Haram betreden. De ongelovigen waren zeer verbaasd met datgene wat ze zagen. Verbaasd en angstig keken ze naar Hz. Omar en Hz. Hamza; op een gegeven moment raapten ze hun moed bij elkaar en vroegen aan Hz. Omar: “Met wat ben je gekomen?”.

Hz. Omar antwoordde daarop met: “Ik ben gekomen met Lâ ilâhe İllâllah, Muhammedü'r-Resûlullah” en voegde daaraan toe: “Niemand verroert zich, anders zal ik zijn hoofd eraf hakken!”. De ongelovigen werden muisstil. Onze Profeet (v.z.m.h.) deed zijn tawaaf en las zijn gebed op. De moslims lazen ook allemaal hun gebeden op. Hz. Omar zegt: “Toen gaf RasoelAllah (v.z.m.h.) mij de bijnaam Faroeq, omdat ik de onderscheid tussen de waarheid en valsheid maakte.(4)

Share this